De Hoge Raad heeft beslist dat een gemeente geen leges mag heffen voor het verstrekken van een identiteitskaart. Daarmee bevestigt ons hoogste rechtscollege de eerdere uitspraak van Hof Den Bosch.
De zaak was aangespannen door een inwoner van de gemeente Leudal die in 2004 een
rijbewijs en identiteitskaart had aangevraagd. Hij maakte bezwaar tegen de leges die hem voor de documenten in rekening werden gebracht. Nadat het bezwaar ongegrond was verklaard stapte hij naar de rechter. Rechtbank Roermond kreeg hij niet mee, maar Hof Den Bosch verklaarde dat bij het verstrekken van een identiteitskaart het individuele belang ondergeschikt is aan het publieke belang, met name gezien de invoering van de algemene identificatieplicht.
De Hoge Raad bevestigt deze uitspraak nu door voorop te stellen dat een gemeente volgens vaste jurisprudentie alleen leges mag heffen als zij een dienst verricht die in overheersende mate een individualiseerbaar belang dient. Volgens de Wet op de uitgebreide identificatieplicht is iedereen die in Nederland verblijft sinds 2005 verplicht een geldig identiteitsbewijs te dragen en op verzoek te tonen. Deze verplichting dient uitsluitend een algemeen belang. Aan de identificatieplicht kan worden voldaan met een paspoort, een rijbewijs of een identiteitskaart. Een rijbewijs is vereist om een motorrijtuig te mogen besturen; en een paspoort is een mondiaal erkend reisdocument. Voor beide documenten geldt daarom dat zij vooral ook een individualiseerbaar belang dienen. Maar bij een identiteitskaart ligt dat anders: voor velen is de enige reden om zo’n kaart aan te vragen de identificatieplicht. Weliswaar kan de kaart binnen de EU ook dienen als reisdocument, maar of de kaart ook daarvoor gebruikt zal worden, is bij het aanvragen niet objectief vast te stellen. Het aanvragen van een identiteitskaart houdt in overheersende mate verband met een individualiseerbaar belang. Gemeenten mogen voor het verstrekken van een identiteitskaart dan ook geen leges heffen.
In deze zaak betrof het een identiteitskaart die in 2004 – na publicatie van de Wet op de uitgebreide identificatieplicht (WUID) in de Staatscourant – was aangevraagd, terwijl de algemene identificatieplicht per 1 januari 2005 is ingevoerd. Maar gelet op de geldigheidsduur van de identiteitskaart en de noodzaak zich voor 1 januari 2005 van zo’n document te voorzien, kan de onderhavige aanvraag volgens de Hoge Raad worden aangemerkt als een aanvraag die (mede) is gedaan met het oog op de invoering van de algemene identificatieplicht. De conclusie dat heffing van leges onder de werking van de WUID niet mogelijk is, geldt daarom ook voor deze aanvraag.
Let op! Op 21 september heeft minister Donner een spoedwetsvoorstel ingediend waardoor de gemeenten vanaf 22 september weer leges mogen heffen. Het wetsvoorstel is inmiddels door beide Kamers aangenomen.