Hoewel de Belastingdienst naar verluidt categorisch weigert om bestelauto’s aan te merken als (nagenoeg) uitsluitend geschikt voor het vervoer van goederen, denkt de rechter daar toch anders over. Hebt u een bestelauto met meer dan één zitplaats, en is deze volgebouwd voor het vervoer van goederen, dan zal de inspecteur uw verzoek waarschijnlijk afwijzen, tenzij uw situatie exact gelijk is aan de situatie in de eerder gepubliceerde rechtszaken. Om gelijk te krijgen, moet u dus waarschijnlijk naar de rechter. Gelukkig neemt het aantal voor de bestelautorijder positieve zaken toe. Hierna beschrijven wij een onlangs door de rechter in Leeuwarden toegewezen zaak.
Een werknemer rijdt in een Volkswagen Transporter van de zaak. Deze bestelauto wordt gebruikt als pechhulpauto. De werknemer heeft met zijn werkgever een overeenkomst getekend waarin het hem verboden wordt privé van deze bestelauto gebruik te maken. Eerlijk gezegd zou de laatste overeenkomst (mits reëel) volgens ons al aanleiding moeten zijn om het autokostenforfait (toen: 22%) niet bij te tellen. Nu beschouwt de rechter het in samenhang met de inrichting van de bestelauto. De rechter oordeelt dat deze bestelauto (nagenoeg) uitsluitend geschikt is voor het vervoer van goederen. De bijtelling volgens het autokostenforfait is dus van tafel. Het eventuele privégebruik (dat hier verboden is), zou in zo’n geval belast moeten worden als loon in natura, oftewel volgens de berekening: werkelijk aantal privékilometers x werkelijke kilometerprijs.
Omdat de inspecteur alleen toegeeft (of toe mag geven) als uw situatie exact gelijk is aan die uit een rechterlijke uitspraak, geven wij u hieronder een omschrijving van de inrichting van deze bestelauto. Deze omschrijving is afkomstig uit de uitspraak:
“2.8.Ter zitting heeft belanghebbende onweersproken gesteld dat de auto een verlengde uitvoering betreft van de Volkswagen Transporter. De achterklep kan niet geopend worden en aan de binnenkant zijn gereedschapslades tegen de achterwand en kisten aan de zijkant bevestigd. In deze kisten zitten benodigdheden voor het verlenen van pechhulp zoals onder andere uitlaatpijpen en koelvloeistoffen. Op de vloer van de auto is altijd een tank met luchtvoorraad aanwezig en daarnaast ook andere spullen. De benodigdheden voor het verlenen van pechhulp zijn altijd aanwezig en bevestigd aangezien het veelal dure apparatuur betreft. In de bestuurderscabine zijn twee stoelen aanwezig, bestemd voor de chauffeur en een bijrijderzitplaats. De bestuurderscabine is door middel van een dicht schot gescheiden van de achterkant van de auto, er is derhalve geen sprake van een dubbele cabine. Belanghebbende heeft eveneens geloofwaardig verklaard dat de bijrijderstoel wordt gebruikt om gestrande passagiers naar huis te brengen of, indien het om een omvangrijke klus gaat, om een extra personeelslid mee te kunnen nemen. De rechtbank is op grond hiervan, alsmede gezien de contractuele verplichtingen van belanghebbende, van oordeel dat de auto naar aard en inrichting (nagenoeg) uitsluitend geschikt is voor het vervoer van goederen. Het feit dat er een tweede stoel in de bestuurderscabine aanwezig is maakt dit, gelet op de gegeven verklaring van belanghebbende, niet anders (vergelijk Hoge Raad 29 mei 2009, nr. 43 602, gepubliceerd in onder andere Vakstudie Nieuws 2009/27.20)”