Om de BPM bij een tweedehandsauto te bepalen mag u onder meer uitgaan van de inkoopwaarde van de desbetreffende auto. Dat is in de praktijk natuurlijk makkelijker gezegd dan gedaan. Hoe komt u nu aan de inkoopwaarde van juist die auto? Een van de methoden is het gebruik van het zogenoemde XRAY-inruilwaardesysteem. Hoewel de Belastingdienst niet akkoord ging met die methode, heeft een belastingplichtige uiteindelijk wel toestemming gekregen van het hof in Arnhem. Het ministerie heeft nu laten weten dat de minister zich neerlegt bij deze uitspraak omdat hij geen kansen ziet om deze in cassatie te bestrijden. Belangrijker is dat de minister in dat persbericht ook aangeeft dat hij zich eigenlijk wel kan vinden in het XRAY-inruilwaardesysteem, maar dat hij ook in overleg gaat met de autobranche om te kijken of ze samen een manier kunnen bedenken om de inkoopwaarde te kunnen vaststellen. Of in de woorden van de minister:
’Het berusten in deze uitspraak impliceert voorshands ook dat het zogenoemde XRAYinruilwaardesysteem in beginsel kan worden aanvaard als maatgevend voor het bepalen van de inkoopwaarde van voor de BPM aan te geven motorrijtuigen. Overigens zal nog wel in overleg met de branche worden bezien of de inkoopwaarde van een auto eenduidiger kan worden bepaald.’ Wij juichen deze toezegging en de plannen in ieder geval toe. Voor de praktijk zal een gezamenlijk waardebepalingssysteem in ieder geval veel discussie, ergernissen en tijdverlies besparen. Wij houden u op de hoogte.
Bron: MvF 17-09-2010, nr. DGB 2010-5248; Hof Arnhem 03-08-2010, nr. 09/00284 (LJN: BN4420)
naar boven