Hof Amsterdam vindt dat een dga materieel geen deel kan uitmaken van de fiscale eenheid voor de btw, omdat hij zelf geen werkzaamheden verricht die hem kwalificeren als btw-ondernemer. Hiermee wordt het standpunt uit het besluit naar aanleiding van het Van der Steen-arrest wederom buiten spel gezet.
Naar aanleiding van een arrest van de Hoge Raad hebben een dga en zijn bv op 15 augustus 2003 een beschikking ontvangen waarin zij worden aangemerkt als fiscale eenheid voor de btw. De bv is ondernemer voor de btw. Per 30 december 2005 is een tweede bv in de fiscale eenheid opgenomen. De dga laat een woonboerderij bouwen die zowel voor bedrijfsdoeleinden (40%) als andere doeleinden (60%) zal worden gebruikt. Hij rekent de woonboerderij voor de btw tot zijn ondernemingsvermogen. De met de bouw gemoeide voorbelasting (€ 297.337) brengt hij in aftrek. Jaarlijks wordt rekening gehouden met een correctie voor privégebruik.
Naar aanleiding van het Van der Steen-arrest van het Europese Hof stelt de inspecteur primair dat, aangezien de dga nooit ondernemer is geweest, er ook geen recht bestond op aftrek van voorbelasting. De volledige aftrek van voorbelasting met betrekking tot de nieuwbouw dient dan ook te worden gecorrigeerd bij de fiscale eenheid. Dit standpunt is door de rechtbank van tafel geveegd op grond van opgewekt vertrouwen. Subsidiair stelt de inspecteur dat er een onttrekking plaatsvindt waarover de fiscale eenheid btw is verschuldigd.
Voor Hof Amsterdam is het de vraag of de dga met de bv’s een fiscale eenheid voor de btw heeft gevormd, waardoor de woonboerderij tot het bedrijfsvermogen van de fiscale eenheid is gaan behoren en dus een onttrekking heeft kunnen plaatsvinden. Vaststaat dat de dga buiten zijn werkzaamheden als dga van de bv’s geen werkzaamheden heeft verricht waardoor hij als ondernemer voor de btw kan worden aangemerkt. De dga kan daarom materieel geen deel uitmaken van de fiscale eenheid. De woonboerderij maakte daardoor geen deel uit van het bedrijfsvermogen van de fiscale eenheid. Er kan geen sprake zijn van een belaste onttrekking.
Hof Amsterdam heeft ook nog aangegeven of wel btw verschuldigd zou zijn als de dga tot het Van der Steen-arrest wel tot de fiscale eenheid had behoord. Ook dan kan volgens het hof niet worden nageheven. Het uittreden van een tot de fiscale eenheid behorende persoon levert voor de fiscale eenheid geen belaste prestatie op. De gevolgen van de uittreding uit de fiscale eenheid, zo die er al zijn, komen voor rekening van de uittreder.
Bron: Hof Amsterdam 02-09-2010, nr. 09/00584 (LJN: BN6227); Rb. Haarlem 16-07-2009, nr. 08/5929