Vermoeden van onbehoorlijk bestuur niet strijdig met EU-recht

De Belastingdienst kan een bestuurder van een bv aansprakelijk stellen als de bv haar belastingschulden niet betaalt en sprake is van onbehoorlijk bestuur. Een vermoeden van onbehoorlijk bestuur is aanwezig als een bestuurder niet op tijd bij de fiscus meldt dat de bv niet kan betalen. Hof Arnhem moest onlangs beoordelen of dit bewijsvermoeden in overeenstemming is met het Europese recht.
In deze zaak had de enige bestuurder van een bv op 12 mei 2000 aan de ontvanger gemeld dat de bv de loon- en omzetbelasting niet meer kon betalen. Volgens de fiscus was dit te laat. Zo’n melding van betalingsonmacht moet plaatsvinden uiterlijk twee weken na de dag waarop de belasting eigenlijk moest zijn afgedragen of betaald. Dit was niet gebeurd en daarom was er een bewijsvermoeden van onbehoorlijk bestuur. De fiscus stelde de bestuurder aansprakelijk voor een bedrag van bijna € 75.000. De bestuurder was het hier niet mee eens en de zaak kwam uiteindelijk voor Hof Arnhem.
De bestuurder stelde voor het hof dat het bewijsvermoeden in strijd is met het Europese recht. De ontvanger zou door de huidige stand van de automatisering al in een vroeg stadium op de hoogte kunnen zijn van betalingsmoeilijkheden van een bv en dan al de nodige maatregelen kunnen nemen voor het innen van de verschuldigde belastingen. Een meldingsplicht is dan niet nodig. De wettelijke regeling gaat dus verder dan noodzakelijk is en is daarom in strijd met het Europese rechtszekerheids- en/of evenredigheidsbeginsel. Volgens het hof hoeft bij het niet betalen van belasting niet altijd sprake te zijn van betalingsonmacht; dit kan ook het gevolg zijn van onachtzaamheid of onwil. Dit betekent dat de ontvanger een betalingsonmacht toch pas kan constateren na een onderzoek, dat enige tijd in beslag neemt. Om dit te voorkomen was het redelijk dat de wetgever de regeling van de betalingsmelding en het bewijsvermoeden in de wet heeft opgenomen. Het bewijsvermoeden was dus niet in strijd met het Europese recht. Dit hield in dat de fiscus de bestuurder terecht aansprakelijk had gesteld voor de niet betaalde belastingschulden, want het stond buiten kijf dat de bv de betalingsonmacht te laat had gemeld.
 


Hof Arnhem 27-04-2011, nr. 10/00255 (LJN: BQ4209)