Voorwaarden omzetting rechtsvorm aangepast

Onlangs heeft de staatssecretaris van Financiën de voorwaarden die hij normaliter zal stellen bij de omzetting van een nv of bv van een andere rechtsvorm, aangepast. De samenloop met de innovatiebox, de opwaarderingsreserve en de deelnemingsverrekening is geregeld. Deze nieuwe voorwaarden gelden vanaf 8 juni 2011.
Als een rechtspersoon zoals een bv, nv, stichting of vereniging niet meer de gewenste rechtsvorm heeft, kan deze worden omgezet in een andere rechtsvorm. Voor de heffing van de vennootschaps-, inkomsten- en dividendbelasting zijn de gevolgen van de omzetting geregeld in artikel 28a van de Wet Vpb 1969. In beginsel leidt de omzetting tot fiscale afrekening, maar de rechtspersoon kan de inspecteur verzoeken dit achterwege te laten. De fiscus stelt wel voorwaarden bij een dergelijke geruisloze omzetting.
In een besluit heeft de staatssecretaris onlangs aangegeven dat deze algemene voorwaarden sinds 8 juni 2011 enigszins zijn aangepast. Het gaat dan om specifieke situaties waarbij de om te zetten rechtspersoon direct vóór het omzettingstijdstip te maken heeft met een innovatiebox, een opwaarderingsreserve en een deelnemingsverrekening. Verder is in de voorwaarden opgenomen dat de aanspraak op verrekening van verliezen die voor het omzettingstijdstip zijn geleden door de om te zetten rechtspersoon, overgaat over op de omgezette rechtspersoon.
Verder bevat het besluit een aanvullende toelichting over omzetting van coöperatie in een stichting, over omzetting van een bv in een coöperatie, over buitenlandse omzettingen, over omzetting van gedeeltelijk belaste stichtingen en verenigingen en over de samenloop met fiscale eenheid.


Bron: MvF 04-04-2011, nr. BLKB2011/511M (Stcrt. 9808)