Het Europese Hof aangegeven dat de btw over het privégebruik van de auto forfaitair mag worden berekend maar dat het wel in verhouding moet staan tot het privégebruik dat er van de auto is gemaakt.
Het Europese Hof van Justitie deed deze uitspraak naar aanleiding van prejudiciële vragen die door de Hoge Raad waren voorgelegd. In deze zaak gaat het om belastingadviseur Van Laarhoven die in 2006 in zijn eenmanszaak achtereenvolgens twee personenauto’s tot zijn ondernemingsvermogen rekende. Hij reed met beide auto’s meer dan 500 kilometer per jaar privé. In zijn laatste btw-aangifte over 2006 heeft Van Laarhoven een correctie aangebracht voor het privégebruik van de auto waarna hij vervolgens bezwaar aantekende tegen die correctie omdat deze volgens hem in strijd is met de BTW-richtlijn. De Hoge Raad heeft naar aanleiding van deze zaak vragen voorgelegd aan het Europese Hof. Het Europese Hof heeft nu geoordeeld dat de BTW-richtlijn zich verzet tegen een nationale belastingregeling volgens welke een belastingplichtige die zijn auto’s zowel voor bedrijfs- als voor privédoeleinden gebruikt, eerst de voorbelasting onmiddellijk en volledig in aftrek mag brengen, maar die vervolgens ter zake van het privégebruik van deze auto’s voorziet in een jaarlijkse correctie die gebaseerd is op een forfaitaire berekeningsmethode voor de met een dergelijk gebruik samenhangende uitgaven die niet op proportionele wijze rekening houdt met de daadwerkelijke omvang van dat gebruik.
naar boven