Aanpassing besluit voorkoming dubbele belasting

Aanpassing besluit voorkoming dubbele belasting

Vooruitlopend op een wetsverandering heeft de staatssecretaris onlangs goedgekeurd om de zogeheten fictieve onderworpenheid uit te breiden tot werkgevers die gevestigd zijn in een andere EU-lidstaat.

Met een groot aantal landen heeft Nederland een verdrag gesloten om dubbele belasting te voorkomen. Als er geen belastingverdrag is, dan is de kans op dubbele belastingheffing groot. In dat geval gelden namelijk de nationale belastingstelsels van zowel het woonland als het werkland. Voor inwoners van Nederland wordt, als er geen belastingverdrag is gesloten, dubbele belastingheffing voorkomen in het Besluit voorkoming van dubbele belasting. Voorwaarden voor toepassing van deze regeling zijn dat de werknemer gedurende een aaneengesloten periode van drie maanden in dat land werkt en dat er sprake is van een dienstbetrekking bij een Nederlandse werkgever.

De eis dat sprake moet zijn van een werkgever die binnen het Rijk is gevestigd kan beperkend werken ten aanzien van werknemers die in privaatrechtelijke dienstbetrekking staan tot werkgevers die gevestigd zijn in een van de (andere) EU-lidstaten. Vooruitlopend op (een voorstel tot) aanpassing van de wet wordt daarom goedgekeurd dat artikel 38, lid 2 AWR ook van toepassing is als de werkgever niet binnen het rijk is gevestigd, maar wel binnen een lidstaat van de Europese Unie.


MvF 02-10-2008, nr. CPP2008/1985M