De staatssecretaris van Financiën stelt geen cassatie in tegen een uitspraak van Hof Den Bosch dat het niet doen van een suppletieaangifte niet leidt tot grove schuld. Een suppletieaangifte heeft geen juridische status en dus is er geen wettelijke verplichting. Het niet doen van die aangifte kan dus niet -zelfstandig leiden tot een boete.
Een bouw- en exploitatiemaatschappij heeft over 2002 en 2003 te weinig loonbelasting en premie volksverzekeringen afgedragen vanwege aan de aandeelhouders/werknemers uitgekeerde tantièmes. Dit blijkt uit de jaarstukken over beide jaren. De inspecteur legt vervolgens een naheffingsaanslag op met de aankondiging dat een vergrijpboete wordt opgelegd. Voor Hof Den Bosch is het de vraag of de vergrijpboete terecht en naar een juist bedrag is opgelegd. De inspecteur vindt dat de maatschappij spontaan de verschuldigde loonheffing had moeten aangeven en afdragen nadat dat uit de jaarstukken was gebleken. Volgens het hof is suppletieaangifte echter niet verplicht. Dit volgt niet uit het wettelijke systeem. De maatschappij kan daarom geen grove schuld worden verweten.
De staatssecretaris gaat tegen deze uitspraak niet in cassatie. De suppletieaangifte heeft inderdaad geen juridische status en er bestaat ook geen wettelijke verplichting tot het doen van een dergelijke aangifte. De staatssecretaris heeft in antwoord op Kamervragen al aangegeven dat het niet indienen van een suppletieformulier of het niet doen van een nadere betaling op zichzelf geen overtreding is. Wel kan de hoogte van de op te leggen boete worden beïnvloed door het gedrag van belanghebbende na het verzuim of het vergrijp. Het niet doen van suppletieaangifte kan echter niet zelfstandig aanleiding zijn voor een boete.
MvF 20-11-2008, nr. DGB 2008-5643
Hof Den Bosch 10-10-2008, nr.07/00257
naar boven