Staatsecretaris De Jager heeft een ontwerpbesluit naar de Eerste en Tweede Kamer gestuurd om het tijdstip vast te stellen waarop onder andere de nieuwe regeling voor de teruggaaf van omzetbelasting aan in een andere lidstaat gevestigde ondernemers in werking treedt. De Tweede Kamer had ten aanzien van deze regeling een voorbehoud gemaakt omdat bij de behandeling van het wetsvoorstel bleek dat de systemen nog gebouwd en getest moesten worden.
De Jager heeft informatie over de stand van zaken ingewonnen bij de overige lidstaten en de Europese Commissie. Daaruit is gebleken dat de lidstaten verwachten tijdig aan hun implementatieverplichtingen te kunnen voldoen. De Europese Commissie heeft geen signalen ontvangen dat de implementatie van de wetgeving in de nationale wetgeving niet tijdig klaar zou zijn. Ook verwacht de Commissie dat de benodigde IT-systemen per 1 januari 2010 gerealiseerd zullen zijn. Mocht een lidstaat toch onverhoopt iets te laat zijn dan zal de situatie soepel verlopen omdat door de Commissie een 'fall back' procedure wordt ontwikkeld.
De ondersteunende systemen van de Nederlandse Belastingdienst worden momenteel conform planning getest. De verbinding met het Europese netwerk is tot stand gebracht. Getest wordt of de fysieke verzoeken en bijbehorende berichten worden verstuurd. Daarbij zijn nog geen knelpunten naar voren gekomen die de haalbaarheid zullen beïnvloeden. Het testtraject zal begin december, naar verwachting zonder vertragingen, worden afgerond. Vervolgens wordt het VAT Refund Core Asset (VRCA) klaargezet in de operationele omgeving van de Belastingdienst. Vanaf begin januari 2010 kan iedere daartoe geautoriseerde ondernemer langs die weg een verzoek om teruggave indienen. Eind november zal er op belastingdienst.nl een faciliteit komen om te beoordelen of autorisatie zinvol is en vervolgens om deze aan te vragen.
In een amendement bij het wetsvoorstel is aangegeven dat het voorstel in werking treedt op een bij Koninklijk Besluit te bepalen tijdstip. Dit ontwerp moet ten minste twee weken voor inwerkingtreding aan beide Kamers van de Staten Generaal worden voorgelegd. Het wetsvoorstel wordt momenteel in de Eerste Kamer behandeld. Als beide Kamers het eens zijn met het ontwerp-Koninklijk Besluit en de Eerste Kamer heeft het wetsvoorstel aanvaard, dan kan na bekrachtiging door de Koningin het wetsvoorstel in werking treden.
Zowel voor het bedrijfsleven als de Belastingdienst is het van belang om zo snel mogelijk zekerheid over de invoering per 1 januari 2010 te krijgen.