De dwangsom en rente die de verkoper van een onderneming ontvangt, in verband met een uitgestelde levering als gevolg van tegenwerking van de koper, behoren niet tot de koopsom en kunnen niet tot de stakingswinst worden gerekend.
De belanghebbende in deze zaak staakte in 2003 een landbouwbedrijf. Op 19 augustus 2003 sloot hij een overeenkomst met een koper, waarbij is vastgelegd dat het akkerbouwbedrijf voor of uiterlijk op 1 december van dat jaar wordt geleverd. In de maanden tot november 2003 wordt voor het laatst ten behoeve van de belanghebbende geoogst en in november neemt een pachter van de koper de akkerbouwgrond al feitelijk in gebruik. Omdat de koper geen medewerking verleent aan de levering, stapt de akkerbouwer naar de voorzieningenrechter. Deze veroordeelt de koper tot betaling van de koopsom op straffe van een dwangsom van € 4.000 per dag. Op 12 juli 2004 vindt uiteindelijk de levering plaats waarbij een dwangsom (€ 350.000) en rentevergoeding (€198.208) worden betaald.
De inspecteur meent dat de dwangsom en rentevergoeding belast zijn als onderdeel van de stakingswinst. De belastingplichtige is het hier niet mee eens.
De inspecteur stelt dat - ondanks de feitelijke bedrijfsbeëindiging in 2003 - de onroerende zaken niet naar het privévermogen kunnen overgaan voor het moment van levering. Er wordt dan ten onrechte een wijziging van vermogensetikettering toegelaten, terwijl levering van de onroerende zaken op handen is. Volgens de inspecteur moet men onderscheid maken tussen de feitelijke staking (in 2003) en de fiscale (in 2004). Hof Den Bosch volgt deze zienswijze niet: de ondernemingsactiviteiten zijn in 2003 beëindigd en daarmee vervullen de onroerende zaken geen functie meer binnen de beëindigde onderneming. Ze zijn slechts aangehouden in afwachting van de levering en tot het privévermogen gaan behoren. Ook het standpunt dat de dwangsom en rente tot de koopsom behoren vindt geen steun bij het hof. Uit de uitspraak van de voorzieningenrechter blijkt dat de dwangsom is vastgesteld voor als de koper in gebreke zou blijven. Daarmee maakt het geen deel uit van de koopsom.
naar boven