Geen BOF voor pensioen-bv

Een pensioen-bv die geen onderneming drijft, kan geen gebruik maken van de faciliteit voor bedrijfsopvolging. Doordat de bv zich bezighoudt met het verzekeren van pensioenen voor de erflater, zijn echtgenote en hun kinderen neemt de pensioen-bv geen deel aan het economische verkeer.

Een weduwe was onder huwelijkse voorwaarden gehuwd. Haar man is in 2004 overleden. De erfgenamen zijn de weduwe en de drie kinderen. De weduwe is gerechtigd tot één honderdste deel van de nalatenschap en is als enige gerechtigd tot alle goederen die tot de nalatenschap behoren. Tot de nalatenschap behoren de aandelen in een pensioen-bv. De pensioen-bv houdt zich bezig met beleggingsactiviteiten en het uitvoeren van een pensioenregeling ten behoeve van de erflater, zijn vrouw en de kinderen. Op de overlijdensdatum had de pensioen-bv een balanstotaal van € 5.350.000 en waren de aandelen € 4.288.446 waard. De commerciële waarde van de pensioenverplichting bedraagt € 760.088. Voor de verkrijging van de aandelen in de pensioen-bv doet de weduwe een beroep op de regeling voor bedrijfsopvolging. Omdat de pensioen-bv, door het uitvoeren van de pensioenovereenkomst, risico's aanvaard die normaal vermogensbeheer te boven gaan, vindt de weduwe dat sprake is van ondernemingsactiviteiten.

Hof Den Haag is snel klaar met dit argument. De bedrijfopvolgingsfaciliteit is alleen van toepassing indien en voor zover de vennootschap een onderneming drijft. Een lichaam waarvan de feitelijke werkzaamheid bestaat uit het, onmiddellijk of middellijk, beleggen van vermogen of een daarmee overeenkomende werkzaamheid, drijft geen onderneming. Het verzekeren van pensioenen voor de erflater, zijn echtgenote en hun kinderen is geen deelname aan het economische verkeer. Zij is geen duurzame organisatie van kapitaal en arbeid gericht op deelneming aan het economische verkeer met het oogmerk om winst te behalen.


Hof Den Haag 16-02-2010, nr. 09/00022