Draag btw af over privégebruik

Met ingang van 1 januari 2007 is in de wet een bepaling opgenomen die het gebruik van een tot een bedrijf behorend onroerend goed voor privédoeleinden of andere dan bedrijfsdoeleinden belast als dienst. Aan het eind van het jaar dient dan ook een correctie voor privégebruik van het bedrijfspand te worden gemaakt en worden afgedragen.

Een ondernemer voor de btw laat in de jaren 2004 tot en met 2007 een nieuwe woning bouwen, waarin een tweede kookruimte met toebehoren is ondergebracht. Die ruimte wordt gebruikt voor het geven van kooklessen. Voor het overige staat de woning de ondernemer in privé ter beschikking. De ter zake van de bouw van de woning aan hem in rekening gebrachte omzetbelasting heeft de ondernemer volledig in aftrek gebracht. Voor het privégebruik van de woning heeft de ondernemer in 2007 geen omzetbelasting afgedragen. De inspecteur legt hem daarom een naheffingsaanslag omzetbelasting 2007 op. Met ingang van 1 januari 2007 is in de wet namelijk een bepaling opgenomen die het gebruik van een tot een bedrijf behorend onroerend goed voor privédoeleinden belast als dienst. Met name als voor dat onroerende goed recht op volledige of gedeeltelijke aftrek van voorbelasting bestond.

Voor Hof Den Haag betoogt de ondernemer dat met de naheffingsaanslag het rechtszekerheidbeginsel wordt geschaad. De inspecteur mag niet zomaar de in aftrek gebrachte omzetbelasting corrigeren. Omdat de wetgever de destijds genoten voorbelasting terughaalt, is de ondernemer geschaad in zijn belangen. Volgens het hof is de naheffingsaanslag echter niet gebaseerd op een regeling die terugwerkende kracht heeft of terugwerkt, maar op de wettelijke bepaling die het gebruik van een tot een bedrijf behorend onroerend goed voor privédoeleinden belast als dienst. Over dat privégebruik heeft de ondernemer geen omzetbelasting afgedragen, terwijl dit wel had gemoeten.


Hof Den Haag 26-04-2010, nr. 09/00593