Terugwerkende kracht kan

Als de regering bekendmaakt met terugwerkende kracht de wet te willen wijzigen en de inhoud van die wetswijziging is voldoende duidelijk, dan kan belastingplichtige voorzien dat na die bekendmaking loonheffing verschuldigd was. Met name als de reden van de terugwerkende kracht een redelijke grond heeft. De terugwerkende kracht is dan ook niet in strijd met het Europese Recht.

Met deze uitspraak keurt de Hoge Raad goed dat de afschaffing van de pc-privéregeling, formeel per 1 januari 2005, maar al op 27 augustus 2004 per brief bij de Tweede Kamer aangekondigd, met terugwerkende kracht plaatsvond.

Een belastingambtenaar had eind september 2004 een pc aangeschaft en hiervoor aan zijn werkgever een onbelaste vergoeding op basis van de pc-privéregeling gevraagd. De pc-privévergoeding werd in november en december 2004 uitgekeerd, maar zijn werkgever hield hier wel loonheffing op in. De man stapte naar de rechter omdat hij vond dat er ten onrechte terugwerkende kracht aan de regeling was toegekend. De rechtbank stelde de man in het gelijk, maar het hof en nu ook de Hoge Raad zijn een andere mening toegedaan.

Volgens de Hoge Raad moet de belastingrechter een beslissing toetsen aan het nieuwste voorschrift, ook als is het wettelijk voorschrift met terugwerkende kracht ingevoerd of gewijzigd na de datum van de bestreden beslissing van een lagere rechter. In dit geval is de toepasselijk wettelijke regeling na uitspraak op het bezwaar niet gewijzigd. Ook is terugwerkende kracht van fiscale wetgeving ten nadele van de belastingplichtige op zichzelf geen inbreuk op het Eerste Protocol. Van inbreuk is pas sprake als de maatregel in de omstandigheden van het concrete geval leidt tot een individuele en buitensporige last. Omdat belastingplichtige door het persbericht op de hoogte was van de wetwijziging was de inhouding van loonheffing te voorzien. De gevolgen van de terugwerkende kracht zijn naar mening van de Hoge Raad beperkt.


HR 02-10-2009, nr. 07/10481